'Wat heb ik verkeerd gedaan?' fluisterde hij zacht. Een kleine traan biggelde over zijn wang en viel in het gras. 'Is nou zo moeilijk om een leven te leiden?' vroeg hij zichzelf af.
'Wat kijk jij!' Naast hem verscheen een vriend, een achtergelaten familielid waarvan hij dacht hem nooit meer te zien.
'Ik weet niet.'
'Wat weet je niet?' Zijn vriend glimlachte naar hem.
'Wat ik moet doen. Ik sta... ik sta op de afgrond.'
'Dan loop je toch weg.'
'Dat is makkelijk zeggen,' zuchtte hij. 'Ik kan dat niet zomaar doen.
'Ik heb het gedaan.'
'Ja, maar jij... jij hebt een ander leven gekozen. God weet wat je nu doet.'
'Ik ben een autodief.'
'Wat kijk jij!' Naast hem verscheen een vriend, een achtergelaten familielid waarvan hij dacht hem nooit meer te zien.
'Ik weet niet.'
'Wat weet je niet?' Zijn vriend glimlachte naar hem.
'Wat ik moet doen. Ik sta... ik sta op de afgrond.'
'Dan loop je toch weg.'
'Dat is makkelijk zeggen,' zuchtte hij. 'Ik kan dat niet zomaar doen.
'Ik heb het gedaan.'
'Ja, maar jij... jij hebt een ander leven gekozen. God weet wat je nu doet.'
'Ik ben een autodief.'
'Daarom!' riep hij geïrriteerd. De vriend lachte hardop.
'Ik heb fouten gemaakt die niemand me zou vergeven. Ik zou niet terug kunnen keren naar het leven wat ik ooit leidde. Maar jij.... jij kan dat wel.'
'Ik weet niet waar je het over hebt.' Zijn vriend gaf hem een duw en verdrietig keek hij op.
'Doe niet of je onbenullig bent. Je weet waar ik het over heb. Geniet. Leef elke dag alsof het je laatste is.'
'Maar dat is niet.'
'Ik heb fouten gemaakt die niemand me zou vergeven. Ik zou niet terug kunnen keren naar het leven wat ik ooit leidde. Maar jij.... jij kan dat wel.'
'Ik weet niet waar je het over hebt.' Zijn vriend gaf hem een duw en verdrietig keek hij op.
'Doe niet of je onbenullig bent. Je weet waar ik het over heb. Geniet. Leef elke dag alsof het je laatste is.'
'Maar dat is niet.'
'Dat weet je niet. De enige die daar over beslist, is die hogere macht daarboven.' De vriend wees met zijn wijsvinger naar de hemel. 'Alleen hij daar kan dat beslissen.'
Hij schudde zijn hoofd en liet zijn hoofd zakken.
'Leef elke dag alsof het je laatste is. Praat met vrienden alsof het de laatste keer is dat je ziet, doe dingen die je niet durft. Noem je dromen geen dromen, maar plannen. Doe dingen met je leven. Vergooi het niet. Lach, wees blij.'
'Sinds wanneer ben jij een wijze?'
'Sinds ik weet dat ik mijn leven vergooid heb. Maar jij hebt dat nog niet.'
'Misschien heb je gelijk...'
'Ik heb altijd gelijk!'
Hij grinnikte even en veegde de tranen van zijn gezicht. 'Maar even eerlijk...' zuchtte hij. 'Hoeveel geld heb je van me nodig?'
'Twintig!'
'Is dat alles?'
'Misschien vijftig.'
Hij toverde een briefje uit zijn zak en gaf die aan zijn vriend.
'Jij komt er wel,' zei zijn vriend terwijl het briefje wegstopte.
'Omdat ik je nu geld heb gegeven?'
'Nee, omdat ik 't geloof.'
Hij schudde zijn hoofd en liet zijn hoofd zakken.
'Leef elke dag alsof het je laatste is. Praat met vrienden alsof het de laatste keer is dat je ziet, doe dingen die je niet durft. Noem je dromen geen dromen, maar plannen. Doe dingen met je leven. Vergooi het niet. Lach, wees blij.'
'Sinds wanneer ben jij een wijze?'
'Sinds ik weet dat ik mijn leven vergooid heb. Maar jij hebt dat nog niet.'
'Misschien heb je gelijk...'
'Ik heb altijd gelijk!'
Hij grinnikte even en veegde de tranen van zijn gezicht. 'Maar even eerlijk...' zuchtte hij. 'Hoeveel geld heb je van me nodig?'
'Twintig!'
'Is dat alles?'
'Misschien vijftig.'
Hij toverde een briefje uit zijn zak en gaf die aan zijn vriend.
'Jij komt er wel,' zei zijn vriend terwijl het briefje wegstopte.
'Omdat ik je nu geld heb gegeven?'
'Nee, omdat ik 't geloof.'
Geen opmerkingen:
Een reactie posten